Portugal 2011

Voorbereiding

Stilaan, na de rondreis in  Nieuw Zeeland en Sicilië komt onze derde uitstap voor 2011 dichter bij. Portugal is ons vorig jaar zo goed bevallen dat we er nog wel een stukje wilden aanbreien. Net als vorig jaar gaan we  stadsbezoeken combineren met natuurwandelingen om te eindigen met een paar dagen strandvakantie. In 2010 hebben we de streek rond Lissabon bezocht en dit jaar gaan we het wat meer noordelijker zoeken. Op het programma staan steden als Porto, Braga en Guimaraes afgewisseld met wandelingen in het Peneda-Gerês National Park. Als naar goede gewoonte ligt de vlucht met Brussels Airlines reeds vast van eind 2010. We vliegen op Porto en dit voor de belachelijk lage prijs van 100€ per persoon. Ook de huurwagen en alle hotels liggen reeds een tijdje vast, we zijn er klaar voor en kijken al uit naar het landschap langs de Douro.

  • Vertrek 1 september 12u00             Aankomst Porto 13u30
  • Retour 15 september 14u00            Aankomst Brussel 16u00

.

Dag 1 Brussel – Porto

Donderdag 1 september

Het is weer zo ver, vanmorgen opgestaan om zes uur en een uurtje later zou Wendy ons komen ophalen om ons naar het station te brengen. Even voor zeven gaat de telefoon ” pa ik heb een probleem, mijn wagen start niet, platte batterij”. Dan maar met onze wagen Wendy gaan ophalen en zo naar het station, dit beloofd voor het verdere verloop van de dag. We zijn echter ruim op tijd in de luchthaven en de rest van de reis verloopt prima. Rond drie uur zijn we reeds op de hotelkamer en een half uurtje later zitten we al op een terras aan de oevers van de Douro. De Douro, of  “gouden rivier” zoals de Portugezen hem noemen , slingert zich door diepe valleien met duizenden wijngaarden naar de historische stad Porto, de thuishaven van de port.

Zicht op de Douro en de brug Luis I

We kuieren nog wat rond in de oude binnenstad en bezoeken de kathedraal van Porto. Net als die van Lissabon, die we vorig jaar bezochten ziet de kathedraal er wat massief en burchtachtig uit. Het interieur is donker, laag en weinig interessant. In de linkerzijbeuk van de kapel staat een massief zilveren altaar met een mooie kruisgang. Aan het plein voor de kathedraal staat het bisschoppelijk paleis en een vierhoekige toren uit de 14de eeuw samen met een paar overblijfselen van de 16de-eeuwse stadsmuren.

De Kathedraal van Porto

Het weer in Porto is vandaag niet zo goed, bewolkt met veel dreigende onweerswolken en zo’n 22 graden. Het is ondertussen reeds bijna zes uur en vooraleer we gaan dineren springen we nog even binnen in het  Sao Bento station waarvan de wachtzaal volledig versierd is met azulejos. Een meesterwerk! Enorme tableaus met taferelen uit het dagelijkse leven of over grote gebeurtenissen in de Portugese geschiedenis van de 12de tot de 15de eeuw. Via de Rua Santa Catarina een drukke, autovrije winkelstraat, en tevens de ruggengraat van de bovenstad, komen we bij ons restaurant voor vanavond. Het is een volks en gezellig restaurant met een zeer goede en overvloedige keuken. Wanneer we terug buiten komen zien we dat het dreigende onweer van deze middag toch nog voor wat regen zorgt. Gelukkig zijn we niet zo ver van ons hotel en kunnen we het onder de paraplu droog houden tot aan het hotel.

De minder bekende Igreja de Sto lldefonso aan het begin van Santa Catarina

Hotel  : Porto Trindade Hotel

Dag 2 Porto

Vrijdag 2 september

Ik denk dat het de ganse nacht heeft geregend en rond zeven uur deze morgen viel het water nog met bakken uit de lucht. Vandaag staat een wandeling met een lokale gids op het programma, hopelijk wordt het wat beter weer zodat we niet constant met een paraplu moeten rondlopen.Rond 9u vertrekken we uit het hotel naar het afgesproken punt voor de start van onze stadswandeling, en nog steeds is het niet opgehouden met regenen. Onderweg kopen we nog rap 2 nieuwe paraplu’s. Stipt om 9u30 ontmoeten we onze gids Sonja op Lion Square voor de universiteit van Porto. Blijkbaar is er weinig belangstelling voor de stadswandeling daar we het enig deelnemend koppel zijn. Ondertussen is het ook gestopt met regenen en is het een stuk aangenamer om rond te wandelen. Sonja laat ons de meest interessante dingen zien van het oude Porto en brengt ons op plaatsen waar we anders zeker niet waren geweest.

Prachtig zicht over Porto

We drinken samen een koffie in het beroemde cafe Majestic en ze geeft ons extra tips voor het bezoeken van de Porto kelders in Vila Nova de Gaia op de zuidelijke oevers van de Douro. Rond 12u30 nemen we afscheid van Sonja en gaan via de Luis I brug direct naar de overkant van de Douro. Op aanraden van Sonja bezoeken we eerst de Port kelders van Taylor’s, een aangename ontvangst in een hele mooie degustatiezaal met uitzicht op een bloemrijke tuin. We mogen eerst twee Porto’s proeven vooraleer we de rondleiding beginnen. Tijdens het bezoek in de kelders krijgen we voldoende uitleg en zien we een van de grootste tonnen van Europa, met een inhoud van 1100 liter. Taylor’s is nog een van de enige Porto kelders die volledig in familie bezit is en het aangename van dit bezoek is dat het geheel gratis is inclusief het proeven. Ondertussen is het tijd voor de innerlijke mens wat te versterken, en eten we een snack aan de oevers van de Douro. Het weer blijft wat kwakkelen maar de regen blijft gelukkig achterwege.

Degustatie in de Port kelder van Calem

De tweede kelder die we bezoeken is deze van Calem. Ze zien er een stuk moderner uit, en ook hier proeven we na de rondleiding 3 heerlijke Port wijnen, waaronder een van 10 jaar oud. De port begint ons een beetje naar het hoofd te stijgen en daarom besluiten na 2 bezoeken terug te keren naar de andere oever van de Douro. Op de terugweg naar het hotel gaan we nog even binnen in de “Igreja Säo Francisco” de kerk werd gebouwd in 1245 en was oorspronkelijk romaans, maar ze kreeg in de 18de eeuw een gotische look aangemeten en werd versierd in barokstijl. In de hoofdbeuk kun je een ware orgie van verguld houtsnijwerk bewonderen, waaronder de “Boom van Jesse”. De prachtige stamboom van Sào Francisco is van verguld en geschilderd hout en werd tussen 1718 en 1721 gemaakt door Filipe da Silva en António Gomes, een echt meesterwerk. Blijkbaar zou in het interieur van de kerk meer dan 500 kg goud verwerkt zitten. Er worden geen diensten meer in de kerk  gehouden omdat de clerus in een bui van gezond verstand de rijkdom ervan ongepast vond, vooral ook omdat nog veel omwonenden in grote ellende leven. Het bobijntje begint stilaan leeg te lopen en we keren dan ook terug naar ons hotel om ons wat op te frissen om daarna te gaan dineren in het zelfde restaurant als gisteren, dat ons prima was bevallen.

De boom van Jesse

Hotel  : Porto Trindade Hotel

Dag 3 Porto

Zaterdag 3 september

We zijn reeds wakker rond zeven uur en als ik naar buiten kijk, zie ik dat het niet regent, gelukkig. Vanaf 7u30 kunnen we gaan ontbijten en ik moet zeggen het ontbijt mag er zijn, alle soorten gebak, broodjes, vlees, kaas, vers geperst sinaasappelsap en yoghurt. Het hotel  is erg verzorgt en ligt op 100m van de metro. Alle bezienswaardigheden zijn vanuit het hotel gemakkelijk te voet bereikbaar. Na het ontbijt lijkt het weer totaal omgeslagen en begint het opnieuw lichtjes te druppelen. Met onze nieuwe paraplu in aanslag besluiten we toch om ons programma voor vandaag te beginnen. We wandelrichting Lion Square waar we het kleinste huisje van Porto gaan bekijken. Het huisje is iets meer dan een meter breed en is tussen twee kerken ingeschoven, heel merkwaardig.

Het kleinste huisje van Porto tussen twee kerken

Ondertussen is het ook aan het opklaren en komt het zonnetje al even piepen. Niet ver hier vanaf bevindt zich de mooiste boekenhandel van stad “lello e Irmäo”.Het origineel interieur, is als van een historisch monument en heeft veel mee van een weelderige kasteel bibliotheek.  De muren worden ingenomen door fijn gesculpteerde houten rekken, waar oude en nieuwe boeken meters hoog staan opgestapeld, tot aan het plafond. In het midden van het vertrek staat de meest extravagante trap van Portugal. Hij is volledig gemaakt van kostbaar hout, en vormt een grote acht die doet denken aan de trappen van de schepen waarmee grote ontdekkingen gedaan werden, jammer dat we hier geen foto’s mogen nemen. Ons volgend bezoek is dit aan het Palácio da Bolsa een van de drukst bezochte monumenten van Porto. Het werd gebouwd in 1842 voor de zakenlui in Porto die geen eigen kantoor hadden. De wat strenge neoklassieke stijl van de gevel staat in vel contrast met het  bijzonder weelderig interieur. Het paleis bezit verscheidene zalen elke  gewijd aan een andere stijl (renaissance, barok, Moors) . De grote inkom bezit een trap van graniet waaraan liefst 68 jaar lang gewerkt werd en twee bronzen luchters van elk 1,5ton. Pronkstuk van het paleis is echter het Arabische salon, dat volledig versierd is met stucwerk, fijn bewerkte lambriseringen, ingelegd parket en hele fraaie glasramen. Men heeft er maar liefst 18 jaar intensief aan gewerkt ” Indrukwekkend”. Sonja onze gids van gisteren, had ons erop gewezen dat het Arabisch salon prachtiger is of dit van het Alhabra in Granada, en ik moet toegeven dat ze gelijk heeft. Jammer dat we ook hier geen foto’s mogen nemen.

Het oude tramstel die ons naar het strand van Porto brengt

Aan de uitgang van het paleis nemen we een oude tram die ons via de kustlijn naar het strand van Porto brengt. Langs het strand maken we een wandeling van een paar uur en eten ondertussen een lichte snack aan het strand. Het oude tramstel brengt ons terug naar het historische centrum waar we nog een mooie boottocht maken op de Douro voor de dag af te sluiten.

Boottocht op de Douro

Vanavond gaan we eten in een klein oud typisch Portugees gezellig restaurant. De open keuken is zeer lekker en zeer goedkoop, meer moet dat niet zijn

Hotel  : Porto Trindade Hotel

Dag 4 Porto – Santiago de Compostela

Zondag 4 september

Het eerste deel van de reis zit er reeds op, het stadsbezoek aan Porto. De stad is ons heel goed bevallen en we konden nog duidelijk de sporen herkennen van toen de stad in de 15de eeuw een enorme welvaart kende. De produkten als goud en exotisch hout uit de kolonies van Portugal zijn heel duidelijk terug te vinden in de kerken van Porto. Rond 8u30 verlaten we het hotel en nemen de metro richting luchthaven waar we onze huurwagen voor de rest van ons verblijf in Portugal, gaan ophalen. Alles is prima geregeld en even voor tien uur rijden we Porto buiten richting Spanje. Rond 13 u bereiken we Santiago de Compoststella, een van de belangrijkste christelijke bedevaartsoorden. Pelgrims uit heel Europa eindigen hier hun voettocht. Deze voettocht noemt men de Camino de Santiago (De weg naar Santiago). De pelgrims op weg naar Santiago zijn herkenbaar aan de sint-jakobsschelp, het teken van de heilige Jacob. Nadat we zijn ingecheckt in ons hotel gaan we de stad verkennen.

De Kathedraal van Santiago de Compostella

Ons hotel ligt pal in het oude centrum van de stad dicht bij de kathedraal. De kathedraal van Santiago de Compostella is de hoofdkerk van het aartsbisdom en zij werd vanaf 1077 onder Alfonso VI van Castilië gebouwd op de resten van een eerdere kerk uit 800. Volgens een legende zou het graf van de apostel Jacobus, een van de discipelen van Jezus, zich hier bevinden. Zijn stoffelijk overschot zou, nadat hij in Palestina was onthoofd, in een stenen boot zijn gelegd waarin twee van zijn discipelen meereisden. De boot bereikte vanzelf de Galicische kust, waarna het dode lichaam werd begraven aan de berg Libredón. Over het graf verrees een machtige basiliek. Nadat we vanop het plein voor de kathedraal de nodige foto’s genomen hebben, betreden we de kerk. De kathedraal is 97 m lang en 22 m hoog. Het zuidportaal is in romaanse stijl, het westportaal is barok en de noordkant neoclassicistisch en het heeft een gotische kloostergang, een beetje van alle stijlen dus.

De Kathedraal van Santiago de Compostella

De kathedraal is prachtig, zowel van binnen als van buiten en staat sedert 1985 op de Werelderfgoed lijst van de Unesco. Een beroemde toeristische attractie is het heen en weer zwaaien van een groot wierookvat door het dwarschip van de kerk. De Botafumeiro zoals het vat wordt genoemd is circa 1,60 m groot en wordt jammer genoeg maar op hoogtijdagen door het dwarsschip heen en weer gezwaaid aan touwen die onder de viering zijn opgehangen. De rest van de dag slenteren we wat rond in de kleine straatjes van de oude binnenstad en rond zeven uur gaan we eten in een klein lokaal restaurantje, dicht bij ons hotel.

Hotel  : Altaïr Hotel

Dag 5 Santiago de Compostela – Geres

Maandag 5 september

Na het ontbijt nemen we afscheid van onze gastvrouw en rijden terug richting Portugal. Het weer wordt prachtig vandaag, ik denk dat de we de volgende dagen geen regen zullen zien. Voor de komende dagen wordt heel mooi weer voorspeld met temperaturen rond de 25 graden. Op de terugweg naar Portugal nemen we nu lokale wegen in plaats van de autostrade. Rond de middag rijden we het Peneda-Gerês National Park binnen, ook bekend als simpelweg Gerês. Het is het enige nationale park in Portugal en gelegen in de regio Norte, het noordwesten van Portugal, met name in de districten van Viana do Castelo , Braga en Vila Real . Na circa 9 km in het NP komen we bij het schitterend, tegen de kale rotsen afstekende, Sanctuário da Peneda-Gerês.

Heiligdom van Sanctuário da Peneda-Gerês.

Dit heiligdom is ook het doel  van een beroemde pelgrimstocht in het begin van september, daarmee is het enorm druk in het stadje en kunnen we niet tot in het kleine centrum met de wagen. Zo’n kilometer buiten het centrum kunnen we onze wagen kwijt en lopen zo langs de talrijke marktkraampjes tot aan de barokke kerk. Het interieur van de kerk heeft niet veel te bieden maar de zigzagtrap met kruiswegstaties naar het heiligdom is prachtig , maar is wel aan restauratie toe. Onze route zetten we verder tot Mezio met prachtige panorama’s en aardige dorpen zoals Rouças,gekend voor zijn terras bouw. De weg van Mezio naar Soajo is ook onderdeel van een wandelroute. In Soajo vinden we nog een oude wasplaats waar de vrouwen van het dorp met de hand komen wassen.

Wasplaats van Soajo

Vanuit Entre AInbos-os-Rios volgen we het steeds nauwer wordende dal van de Rio Lima. De weg, smal en kronkelig, hoog boven het dal, maar zeer goed te berijden met een stijgingspercentagé van 12, worstelt zich tussen de steile, beboste hellingen door naar Cidadelhe en vandaar naar het laatste dorp voor de Spaanse grens Lindoso (462 m). Hier bezoeken we de 13e eeuwse burcht, nu een ruïne, en vaak het strijdtoneel tussen Portugezen en Castilianen geweest. Wat we in eerste instantie voor een kerkhof met sierlijke graftombes houden zijn ‘espigueiros’. Espigueiros zijn langwerpige, granieten huisjes op pijlers of gestapelde stenen en veelal gekroond met een kruis.

Espigueiros

Het zijn geen graven maar opslagplaatsen voor koren en maïs, beschermd tegen vocht en ratten. Die voorraadschuurtjes waren al een keertje tegengekomen vandaag, maar hier in Lindoso staan er zeker 60 exemplaren naast de oude burcht. Stilaan wordt het tijd om naar ons hotel te rijden. Hierbij moeten we nogmaals de grens met Spanje oversteken voor een 20km om zo terug Portugal binnen te rijden (kortste weg naar het hotel). Ons hotel ligt enkele kilometers buiten het centrum van Geres aan een meertje. We krijgen een kamer met balkon en uitzicht op het meer, prachtig. Vanavond eten we in het hotel en ook dit valt heel goed mee.

Hotel : Residencial Beleza Da Serra

Dag 6 Geres

Dinsdag 6 september

In het Peneda-Gerês National Park verblijven we nog twee dagen die we gaan benutten voor het maken van wandlingen. Gisteravond hebben we van de charmante gastvrouw in het hotel een aantal kaartjes gekregen met wandelingen. Na het verzorgde ontbijt rijden we terug tot aan de Spaanse grens voor een wandeling van 23km naar Vilarinho das Furnas. Vilarinho das Furnas is een stuwmeer dat pracbtig gelegen is tussen een rotsig landscbap,en ontstond toen men de rivier de Homem indamde. We doen er zo’n dikke vier uur over en bij een  temperatuur van 27 graden lijkt het ons genoeg voor vandaag. We rijden terug naar het hotel, drinken een biertje en verfrissen ons wat voor het diner.

Langs de wandeling naar Vilarinho das Furnas

Hotel : Residencial Beleza Da Serra

Dag 7 Geres

Woensdag 7 september

Gisteren zijn we tamelijk vroeg gaan slapen na een toch wel vermoeiende wandeling, maar na een goede nachtrust kijken we reeds uit naar de wandeling van vandaag. Ik denk dat we vandaag terug gaan geluk hebben met het weer. Vanmorgen bij het ontbijt was het reeds 20 graden en een stralende zon. In de streek hier moet je wel wat geluk hebben want de hoeveelheid jaarlijkse neerslag is groot, waardoor een gevarieerde flora groeit en bloeit. Na het ontbijt rijden we tiental minuten richting Braga, tot Rio Caldo.Even voorbij het centrum van het stadje ligt het heiligdom van Sao Beneto.

Het heiligdom van Sao Beneto

Een van de zovele bedevaartsoorden hier in de streek. Naast het stadspark start de wandeling volgens ons foldertje dat we gisteren kregen in het hotel. Na een half uurtje zoeken hebben we nog steeds geen enkel teken gevonden die ons het begin van de wandeling aan zou moeten geven. Uiteindelijk kan een stadsmedewerker ons op de goede weg helpen. De wandeling van 11km is volgens de folder volledig bewegwijzerd. Nu tijdens de wandeling hebben we precies 4 tekentjes gevonden die ons op de goede weg moesten houden. Het wordt een zeer lastige wandeling met een stijgingspercentage van soms 10% . Na een dik twee uur klimmen staan we plotseling voor een vijftal wilde paarden die staan te drinken aan een bron.

Wilde paarden op de wandeling

Naarmate we  dichterbij komen slaan ze op de vlucht, we kunnen nog net enkele foto’s nemen. De wandeling is een stuk lastiger dan gisteren en we zijn dan ook tevreden als we na vier uur wandelen een pintje kunnen nuttigen op een terras net voor de kerk van Sao Beneto. Voor we terug keren naar ons hotel gaat Christiane nog een aantal kaarsen gaan aansteken in de kerk voor iedereen die we kennen. Zo zijn de twee wandeldagen van onze vakantie ook reeds voorbij en zijn we morgen al halverwege onze reis. Daarom gaan we ons vanavond nog eens laten gaan aan een goed diner met een flesje wijn van de Douro.

Christiane steek kaarsen aan

Hotel : Residencial Beleza Da Serra

Dag 8 Geres – Braga – Guimaraes – Santa Marinha do Zèzere

Donderdag 8 september

We hebben geslapen als een roosje na onze wandeling van gisteren. Na het ontbijt rekenen we af en vertrekken we richting de Douro vallei. Onze eerste stop is het Santuario Bom Jesus Do Monte, 5 km van Braga. Deze heilige heuvel van Minho is 400 m hoog, en vanaf dit uitzonderlijke voorgebergte kun je in de verte de stad Braga bewonderen. Het toppunt van ons bezoek is natuurlijk de monumentale trap. Het is een reusachtige accordeon van graniet, de meest exuberante “stairway to heaven” van Portugal, en een compleet geschift ding als je het mij vraagt.

Het Santuario Bom Jesus Do Monte

De imposante trap heeft zeshonderd treden met hier en daar fonteintjes waaraan de pelgrims hun dorst kunnen lessen. Wie zeshonderd treden net iets te veel vindt kan ook de kabelbaan nemen die u tot boven aan de kerk brengt zo’n 285m hoger. Ondanks de vermoeide benen van gisteren besluiten we de trap te voet op te lopen. Een barok meesterwerk, zoveel is zeker, versierd met weelderige sculpturen. Men begon met de bouw van de trap in 1723 op de berg Espinho, en pas 88 jaar later, in 1811 werd hij voltooid. De belangrijke bedevaartskerk is echter niet zo bijzonder. We kunnen er niet genoeg van krijgen en besluiten de trap terug te voet af te dalen. Net als vele mooie dingen in Portugal is dit monument aan een deftige restauratie toe. Terug aan de wagen, rijden we naar de stad Braga die slechts op enkele minuten hier vandaan ligt. Braga is de historische, de economische, de universitaire en misschien wel het belangrijkste de “religieuze hoofdstad” van Minho. Volgens een gezegde maakt men plezier in Lissabon, werkt men in Porto en bidt men in Braga. Braga is de heilige stad, het Rome van Portugal, al eeuwenlang zetel van een aartsbisshop, en telt tegenwoordig nog steeds meer dan dertig kerken. Te midden van de oude stad ligt een ondergrondse parking die we moeiteloos, met behulp van de GPS, kunnen bereiken. Braga is een heel aangename stad om in rond te wandelen.Via een smalle autovrije straat met stijlvolle winkels en cafés komen we aan de kathedraal. De Kathedraal heeft een schitterend portaal met bewerkte tralies en een mooi koor, maar wat ik persoonlijk het mooiste vond was het overdadig versierd orgel. Vlak bij de kathedraal ligt het voormalig aartsbisschoppelijk paleis waarvan de gevels dateren uit de 14de eeuw, met de daar achter liggende onberispelijke tuinen van de Jardin de Santa Bárbara.

De Jardin de Santa Bárbara

Een pracht van een bloemen tapijt. We kuieren nog wat rond in de binnenstad, en overal zien we jongeren en studenten, in de straten en op de terrasjes van de cafés. We kunnen moeilijk geloven dat dit de conservatiefste stad van Portugal is. Na een stukje taart met koffie zetten we onze weg verder naar Guimaräes. De middeleeuwse stad wordt sedert 2001 beschermd door de Unesco. In Guimaräes bezoeken we enkel het kasteel bovenaan de stad en het “Paço dos Duques” het hertogelijk paleis. Het is nu een heel mooi opgezet museum met prachtige Portugese meubelen en enkele Vlaamse wandtapijten. Naast het indrukwekkend plafond in de banketzaal bezit het museum nog tal van zaken afkomstig van de talrijke Portugese veroveringen. Het uiterlijk van het gebouw doet mij denken aan een fabrieksgebouw met zijn talrijke schoorstenen. Ondertussen is reeds vier uur geworden en gaan we onze slaapplaats voor vanavond gaan opzoeken gelegen in de Douro Vallei. Naar het schijnt zou de Quinta do Ervedal heel moeilijk te vinden zijn maar onze GPS brengt ons tot voor de deur van ons verblijf voor de twee volgende nachten.

Quinta do Ervedal

Jammer genoeg kunnen we vanavond niet meer eten op het landgoed en moeten terug naar een dichtbij gelegen dorpje gaan voor ons avondeten. In een lokaal restaurant eten we samen met nog een koppel belgen heel lekker. In het donker is het niet zo evident om hier op die kleine baantjes rond te rijden, maar we komen toch veilig bij de Quinta aan. Je zou denken op het platteland gaan we een rustige nacht hebben, maar niets is minder waar. De honden van een naburig landgoed hielden de ganse nacht een concert van je welste. Rond vijf uur waren ze denk ik in slaap gevallen, doch een half uurtje later was het dan de beurt aan de haan, die deftig te keer ging.

Hotel : Quinta do Ervedal

Dag 9 Santa Marinha do Zèzere

Vrijdag 9 september

Toch min of meer uitgeslapen gaan we ontbijten rond 8u30. In de kleine ontbijtruimte was de grote tafel van tien personen al volledig bezet door Belgen, we konden ons nog net bijschuiven aan een kleinere tafel bij een aardig stel Nederlanders. Vandaag staat een rondrit met de wagen op het programma door de Douro vallei. De Douro is na de Tejo de tweede rivier van Portugal. Hij ontspringt als Rio Duero in Spanje op 2000 m hoogte in het Iberisch randgebergte,de Sierra de Urbión. Schuin boven Miranda do Douro stroomt hij Portugese grondgebied binnen en vormt over 112 km de grens tussen de twee landen. De rivier heeft in zijn bovenloop een prachtig diep en nauw kloofdal uitgeslepen,waarvan we vandaag een stukje gaan proberen te volgen. Om 9u30 kunnen we starten, ik heb de volledige route in de GPS ingesteld en een kwartiertje later rijden we stroomopwaarts langs de Douro richting Pinhäo.

Zicht op de Douro vallei

Hier stoppen we even aan het kleine station dat versiert is met enkele mooie azulejos. Nu gaan we pas de echte wijnvelden intrekken van de Douro vallei. Via de smalle wegen rijden we langs dorpjes zoals Sabrosa en Alljó dwars door de wijngaarden.  Zo’n 4 km ten oosten van Vila Real ligt het paleis “Solar de Mateus”, dat we bereiken rond 13u. Dit landhuis heeft zijn naam gegeven aan de beroemde ‘Mateus Rosé’, die in de platte, brede fles over de gehele wereld gekend is . Vooraleer we het landhuis gaan bezoeken, eten we eerst nog een kleinigheid in een wijnhuis die ons was aanbevolen door onze gastvrouw Isabel.

Het paleis “Solar de Mateus”

Na het bezoek van de tuinen van het landhuis krijgen we een rondgang met gids binnen in het paleis. De gids vertelt ons dat de graven van Màngualde vlak nà WO II de naam Mateus aan de wijnproducent Sogrape verkocht hebben met hoofdkantoor in Porto. De wijngaarden om het paleis produceren alleen nog een lokale wijn en niet de gekende Rose. Het interieur is mooi en voornamelijk de plafonds van kastanjehout en de originele lampions uit de 16de eeuw. In de oude bibliotheek uit de 18de eeuw, staan ongeveer zeshonderd boeken die allemaal werden gerenoveerd. De Kapel van het landhuis is het laatste deel van de rondleiding en stelt eigenlijk weinig voor. Voor we vertrekken lopen nog even door het park en de enorme lange groene gang, uitgehouwen in een massief van naaldbomen.

Het park van Solar de Mateus

De terugweg naar de Quinta loopt langs kleine smalle wegen, hoog aan de ander oever van de Douro. Vanavond kunnen we eten in de Quinta samen met de andere Belgen. Net als de vorige dagen kunnen we buiten dineren, helaas vinden we het eten niet zo lekker, de laagste score tot nu toe en zeker niet de goedkoopste.

Hotel : Quinta do Ervedal

Dag 10 Santa Marinha do Zèzere – Luso

Zaterdag 10 september

Vanmorgen nemen we afscheid van onze landgenoten en rekenen af met Isabel de gastvrouw. Ze heeft wat nonchalante trekjes en rekent ons dan ook twee maal avondeten aan. Gelukkig hebben we dit op tijd opgemerkt en veronschuldigd ze zich hier voor. We hebben zo’n twee uur te rijden tot onze volgende stop, Coimbra een van de oudste Europese  bolwerken van de wetenschap samen met Salamanca , de Parijse Sorbonne, Bologna en Oxford. Ze hadden ons gewaarschuwt voor opstoppingen in het oude centrum maar blijkbaar hebben we een goed moment gekozen en rijden vlot tot aan de universiteit. Coimbra was lang de enige universiteit van Portugal, en werd gesticht op 1 maart 1290. De 16de eeuw was de gouden eeuw voor de universiteit van Coimbra, net als voor de hele Portugese natie trouwens.

Binnenplaats van de universiteit van Coimbra

Het eerste wat we bezoeken in de universiteit is de wereld beroemde “Biblioteca Joanina” op het eind van de rechtervleugel. Normaal staan hier voor de mooie poort lange rijen aan te schuiven, er worden slechts een 25 personen binnengelaten om de 20 minuten. Vandaag is het erg kalm en wij kunnen direct binnen. Eenmaal binnen valt onze mond open van verbijstering door de schoonheid van deze bibliotheek. Niet minder dan driehonderdduizend eerbiedwaardige werken uit de periode van de 16de tot de 18de eeuw vullen de boekenrekken van exotisch hout, die drie grote zalen innemen. Het hout van de rekken is afkomstig uit Brazilië en de gesculpteerde lambriseringen zijn gelakt in het groen, rood, zwart en goud (een kleur voor elke zaal).  De zalen zijn weelderig ingericht in barokstijl en hebben hoge prachtige plafonds. Dit is zeker een hoogtepunt van onze reis en een dikke aanrader, jammer dat we hier geen foto’s mogen nemen. Naast de bibliotheek bevindt zich de Säo Miguelkapel met een schitterende manuelijnse portaal. De kapel is weelderig versiert met azulejos en bezit een prachtig barokke orgel uit 1733.  De laatste zaal die we bezoeken in de universiteit is de “Sala dos Capelos” of zaal der Diploma’s. In mei worden hier de diploma’s uitgereikt, en dan is de zaal vaak gesloten. Na ons bezoek aan de universiteit rijden we via het oude centrum van de de stad naar onze volgende overnachtingsplaats. Vanavond slapen we in het Buçaco Palace Hotel een van de verbazingwekkendste bouwwerken van Portugal en zelfs van Europa, midden in het bos. Geen enkel adjectief voldoet eigenlijk, het is surealistisch en  irreëel. Het paleis werd aan het einde van de 19de eeuw door een Italiaans architect gebouwd op de plaats waar vroeger een klooster stond. In 1917 werd het ingericht als luxehotel en natuurlijk werd het meteen een van de mooiste hotels ter wereld. We rijden naar het hotel door het prachtige bos. Inchecken kunnen we nog niet meteen en we krijgen een drankje van het huis aangeboden.

Buçaco Palace Hotel

De kamers zijn enorm groot maar dringend aan renovatie toe. In 1926 bezaten twintig kamers al een eigen badkamer en waren ze ingericht met oosterse meubelen die in Japan gemaakt werden door Portugese vaklui. Nu is de badkamer volledig pase en we moeten zeker de kraan een tien minuten laten lopen voor we warm water krijgen. Buiten is een mooie galerij die doet denken aan de kloostergang van het Jerónimosklooster in Belém, die we vorig jaar bezochten.  Binnen in de hal staat een monumentale  trap met veelkleurige azulejos. Alle deuren, bogen en gangen zijn op een duizelingwekkende manier versierd. Vanavond gaan we dineren in de eetzaal, die op haar beurt uitkomt op een terras met rijkelijk versierde arcaden en uitgeeft op de tuin.

Zicht op het terras van het hotel

Het eten is goed maar aan de dure kant, net als de wijn, maar ja we overnachten hier maar een keer. Bekende mensen zoals, de koning van Spanje en de president van Brazilie, zijn ons reeds voor geweest en verbleven in dit sprookjes kasteel. Blijkbaar zou de zanger Harry Belafonte gek zijn op dit hotel en er reeds een aantal keer hebben overnacht.

Hotel : Palace Hotel do Bussaco

Dag 11 Luso – Espinho

Zondag 11 september

Na een goed nachtrust kunnen we ontbijten op het prachtig terras. Het ontbijt is niet overweldigend maar er is genoeg van alles, zelfs champagne. Deze morgen staat er een mooie wandeling op het programma in het bos van Buçaco. Aan de receptie van het hotel hadden we gisteren een plan gekregen met de verschillende wandelroutes. Net als in de rest van Portugal is de markering van de routes een grote nul. Na wat zoekwerk vinden we uiteindelijk de start van de wandeling naar de belvedère van Cruz Alta, blijkt uiteindelijk een stevige klim van meer dan een uur.

Het bos van Buçaco

Dit bos is een van de oudste van Europa en geniet van een speciaal microklimaat en reliëf. Al heel vroeg, in de 6de eeuw, ontdekten monniken de voordelen van rust en meditatie en vestigden ze zich in het bos. Het gebied bleef eeuwenlang beschermd en is mede daardoor zo goed bewaard. De monniken plantten er ontelbare exotische boomsoorten aan die meegebracht werden uit de kolonies. De plantengroei is er nog steeds welderig, maar jammer genoeg wordt het bos niet meer zo goed onderhouden. Op de wandeling zien we boomsoorten uit verschillende landen en continenten waaronder dennenbomen uit de Himalaya. Via een prachtige laan met boomvarens komen we terug bij het hotel, waarvan we nog enkele foto’s nemen alvorens te vertrekken. Zo komt er een einde aan de rondreis en rijden we straks naar ons hotel aan de kust, zo’n 20 km onder Porto. Onderweg doen we nog een laatste stop bij het mooie kerkje van Valega.

Het kerkje van Valega

Het perfect onderhouden kerkje is waarlijk een onbeschrijflijk monument. Prachtige bontgekleurde azulejotableaus verhalen het leven van Christus op de buitenkant van de kerk. Echt een ommetje waard die kerk. Rond vier uur bereiken we ons laatste hotel, we kunnen onmiddellijk inchecken en krijgen een kamer met zeezicht. We maken nog een avondwandeling, eten iets in Espinho en genieten nog wat van de zee vanop ons terras.

Hotel : Solverde Hotel

Dag 12 – 14 Espinho

Maandag 12 september

Zijn aan wat rust toe in het hotel en dit zal zeker lukken, prachtig zwembad binnen en buiten, sauna en fitnessruimte en net buiten het hotel ligt een mooi aangelegd voetpad van zowat 15km, meer moet dat niet zijn.

Hotel : Solverde Hotel

Dag 15 Espinho – Porto – Brussel

Donderdag 15 september

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

 
%d bloggers liken dit: